« terug naar overzicht

Ik ben mens, ik ben mezelf, ik ben Stijn.

Ik ben mens, ik ben mezelf, ik ben Stijn.

Stijn, een opgewekt, zachtaardig en lief persoon die vanaf moment één enthousiast is geweest. Dansend met de camera vlogen we met z’n allen van fotoshoot naar interview. Stijn geeft onder andere een inkijk in het moeilijke proces waar mensen mee te maken krijgen wanneer zij in transitie gaan.

Waar zie jij jezelf binnen het genderspectrum?
Over hoe ik mezelf binnen het genderspectrum zie, kan ik heel lang praten. Tijdens mijn transitie had ik echt zoiets van: nu krijg ik echt het lichaam wat bij me past, nu word ik echt man. Maar naarmate de transitie vorderde, toen ik klaar was met de 21 operaties, kwam ik steeds meer tot de ontdekking dat welke onderdelen je aan je lijf hebt zitten, helemaal niets deed met mijn gevoel over mezelf. Juist door de vragen die ik gesteld kreeg van mensen: ‘Oh dus nu ben je echt man?’ ‘Uhm oké nee’ ‘Maar je bent ook geen vrouw, want je hebt geen borsten en wel een piemel?’ ‘Nee.’ Ik bestempel mezelf niet als man, maar ook niet als vrouw. Ik ben mens, ik ben mezelf, ik ben Stijn. Ik vind het ook heel lastig als mensen labeltjes op je gaan plakken: ‘oké transgender, klaar’. Soms moet je wel, dan kom je er niet onderuit. Ook in mode probeer ik mezelf daarin zoveel mogelijk te uiten. De standaardideeën die mensen hebben van transmannen; dat je ontzettend volgens de hokjes gaat leven, als de traditionele bio/cis man. Dat doe ik niet zo erg.

“Ik bestempel mezelf niet als man, maar ook niet als vrouw. Ik ben mens, ik ben mezelf, ik ben Stijn.”

Dat hoorden we inderdaad ook al van onze opdrachtgever, Transgender Netwerk Nederland, dat mensen die net in transitie zijn echt overduidelijk vrouwenkleding of mannenkleding gaan dragen en dat ze naarmate de tijd vordert hun eigen stijl pas kunnen ontwikkelen. Is het ook bij jou echt een ontwikkeling geweest van stijl?
Jawel, als je pas net echt ‘man’ bent, dan is het, in maatschappelijk en sociaal opzicht, heel erg lastig als je bijvoorbeeld in de winkels komt. Je zit net in de fase dat mensen denken: ‘hmm is het nou een vrouw, is het een man, hoe moet ik diegene aanspreken?’. Ook het identificeren op een postkantoor is moeilijk; je ziet er anders uit dan op je ID-kaart. Dat is een hele lastige periode. Ik moest het eerste jaar dat ik onder behandeling was bij het VU Medisch Centrum volgens VU-voorschriften overduidelijk als man leven. Dus probeer je je als man te presenteren; je doet colberts aan, je kleedt je zoals men verwacht hoe een man netjes naar zijn werk gaat. Dat idee heb ik laten varen. Ik draag nog nauwelijks meer een colbert. Dus ja, mijn stijl heeft wel een ontwikkeling doorgemaakt. Maar ik had in het begin zelf ook een allergie voor alles wat neigde naar ‘vrouw-zijn’. Ik droeg nauwelijks ringen of armbanden, terwijl ik die vroeger als vrouw wel veel droeg. Nu draag ik ze wel weer, met veel plezier.

Was dat dan een soort van overcompensatie? Toen je net man was, omdat je dan het gevoel hebt dat je iets duidelijk wilt maken?
Ja, ik wilde niet dat mensen dachten dat omdat ik een ring droeg, ik wel een vrouw moest zijn. Dat ging natuurlijk nergens over, maar je wilt toch twijfel wegnemen, vooral ook omdat het voor jezelf zo ongemakkelijk is steeds.

‘Oh, we dachten dat je gay was’

We vroegen ons heel erg af hoe je denkt dat anderen naar jou en je situatie kijken. Hoe gaat het bijvoorbeeld bij familie, vrienden of op het werk?
Mijn familie zie ik bijna niet. Maar ik zit onder andere bij een theaterkoor en eigenlijk is het meestal het geval, dat vind ik heel bijzonder, dat mensen je meteen in een hokje zetten. Ik werd daar een beetje gewoon en je raakt in gesprekken over het verleden. In dat soort diepere gesprekken kom je niet onder het feit uit dat ik in transitie ben gegaan. En dan moet je weten dat ik daar heel open in ben, ik maak daar totaal geen geheim van. Op een gegeven moment heb ik dat aan een aantal mensen verteld en de reactie was steevast: “Oh, we dachten dat je gay was”. Dat is de eerste reactie die veel mensen geven en daarna komt de reactie: “Het is allemaal oké hoor!”. Nadat ik het aan 5 á 6 mensen had verteld, heb ik besloten om maar even een praatje te houden voor het hele koor van ongeveer 80 mensen. Puur uit gemakzucht; zo zit de vork in de steel. Maar ook in het feit dat mensen denken dat ik gay ben, ben ik heel open en heel vrij. Wie er op mijn pad komt, komt er op mijn pad en of dat nou een man, vrouw, transman, transvrouw of whatever is, dat maakt niet uit.

Alles en iedereen is dus eigenlijk gelijk?
Ja, in die zin wel.

Zijn er nog bepaalde situaties waarin je toch het gevoel hebt dat je je wilt aanpassen?
Nee, dat doe ik gewoon niet. Dat is op de Veluwe natuurlijk totaal ongebruikelijk, dat is de Biblebelt, de zwartekousenkerk. Je hoeft daar maar eventjes je hoofd boven het maaiveld uit te steken en die wordt eraf gekapt. Maar dat interesseert me echt helemaal niet, dan doen ze dat maar.

Als jij maar gelukkig bent toch? Dat is het belangrijkste. Ik vind het heel goed als mensen zich niet altijd aanpassen wat betreft kleding. Dat willen wij ook met onze modeshoots vertellen. Het maakt niet uit wat je aandoet naar je werk, het hoeft niet één bepaalde kant op te gaan. We willen een soort spectrum laten zien van wat normaal gesproken door een vrouw wordt gedragen en wat normaal gesproken door een man wordt gedragen. Wat vind jij het belangrijkste aan kleding?
Eigenlijk vind ik kleding bij anderen helemaal niet belangrijk. Om de persoon te zien die ik zie, vind ik kleding helemaal niet belangrijk. En bij mezelf soms ook niet, maar toch heb ik er wel affiniteit mee. Ik kan ook weken in bijvoorbeeld alleen een joggingbroek en een T-shirt lopen, maar ik kan ook even lekker voor chique gaan of op-en-top. Ik heb wel oog voor detail en ook wel smaak denk ik. Dus nee als ik naar anderen kijk, hoeven die helemaal niet aan een bepaald beeld te voldoen, maar voor mezelf ben ik me wel bewust van wat ik draag.

‘hmm is het nou een vrouw, is het een man, hoe moet ik diegene aanspreken?

Is het ook een bepaalde expressie van jezelf?
Jazeker, het kan te maken hebben met hoe ik me voel. Als ik me niet goed voel en ik wil me juist goed voelen, dan kleed ik me oké. Of als ik me heel goed voel, dan kleed ik me ook daarnaar, maar dan kan ik ook lekker in een joggingbroek gaan lopen. Dus dat heeft wel met elkaar te maken, zelfs tot het ondergoed aan toe, haha. Details hé.

Haha, ja ik denk dat iedereen zich daar wel in kan vinden. En hoe kijk je naar fashion in het algemeen? Bijvoorbeeld als we kijken naar winkels als de H&M of de Zara?
In die winkels kom ik nooit. Maar als je dat fijn vindt, moet je daar lekker naartoe gaan. Verder vind ik de kleding die tegenwoordig op de markt is niet zoveel. Ik vind het allemaal nogal doorsnee, een grijze-muizentoestand. Ook wanneer de dresscode voor een feestje ‘casual’ is, komen mensen in een spijkerbroek en shirt. Een soort ‘come as you are’ principe. Vooral in Nederland vind ik dat opvallend, mensen komen gewoon in de kleding die ze overdag hebben gedragen. Maar meer richting het zuiden toe, Limburg, Frankrijk, wordt er wel veel meer aandacht besteed aan mode. Dat vind ik ontzettend leuk.

Dus wat dat betreft kijk je wel naar de etiketten? Dus dat casual bijvoorbeeld voor een man een colbertje betekent, of dat niet?
Nee, dat niet. Het lijkt alsof er dan geen aandacht aan besteed wordt. Alsof iemand overdag in de tuin heeft gewerkt en ’s avonds op een feestje dezelfde kleding aanhoudt.

Ja klopt, daar kan ik me ook in vinden. Ik merk alleen dat het in Amsterdam wel meevalt. Vooral bij de jongeren zie je dat ze echt wel veel verschillende dingen proberen. Er is een bepaalde generatie ontstaan die echt alle kanten opgaat met kleding en juist heel erg zijn best doet om buiten alle hokjes geplaatst te worden. Wat vervolgens eigenlijk weer leidt tot een nieuw hokje. Denk bijvoorbeeld aan een hipster. Ze willen allemaal apart zijn, maar daardoor zijn ze allemaal hetzelfde. Wat vind jij van het onderscheid dat wordt gemaakt tussen mannen en vrouwen in de kledingindustrie?
Nou, dat vind ik helemaal niet nodig. Dat mag van mij helemaal afgeschaft worden. Natuurlijk verschillen een mannenlichaam en een vrouwenlichaam nou eenmaal van elkaar, maar ik vind dat iedereen vrij moet zijn in de keuze van de kleding. Wanneer een man een jurk wil kopen of een meisje een stoer shirt, dan moet dat gewoon kunnen. In de haute couture vind ik het overigens wel prachtig om die mooie gesneden mantelpakjes te zien bij vrouwen, maar in de ‘gewone’ kledingwinkels zou er geen onderscheid moeten zijn tussen mannen- en vrouwenkleding.

En wat vind je van de hele ‘genderneutrale-kleding-beweging’ van de HEMA en de Zeeman?
Ik vind dat op zich wel een goed begin, want ik vind dat roze en blauw ook zo’n onzinnige toestand. Als een kind een leuk shirt ziet en de ouders zeggen dat-ie dat niet mag hebben, omdat het geen jongensshirt (of meisjesshirt) is, dan vind ik dat nergens op slaan.

Dus eigenlijk vind je dat het een goede beweging is die wel overal doorgevoerd mag worden?
Ja, ik vind dat er geen verschil hoeft te zijn in kleding. Iedereen mag zijn eigen keus maken. Er hoeven toch geen labeltjes aan te hangen? Dames en heren? De stropdassen hangen bij de heren, maar waarom? Een vrouw kan toch ook een stropdas dragen?

Nee precies, daar ben ik het zeker mee eens. En dan nu even een hele clichévraag: Als je een advies of levensles, wat betreft genderexpressie en jezelf zijn, zou kunnen meegeven aan de persoon die dit magazine leest, wat zou je dan willen zeggen?
Ik zou willen zeggen dat het soms moeilijk is om jezelf te zijn. Ik het kan weten, ik kom uit een zwartekousenkerk-omgeving. Het vergt moed en lef om jezelf te zijn, maar uiteindelijk kom je daardoor wel het dichtst bij jezelf en blijf je ook het dichtst bij jezelf. Je kunt je gaan spiegelen aan anderen. Vind diegene mij wel leuk als ik dit draag? En ik denk dat je een bepaald soort lef moet hebben om toch te dragen wat je wilt en te doen wat je wilt. En uiteindelijk gaat dat hand in hand denk ik.

Zijn er nog dingen die je zelf met ons wilt delen? Of dingen waar je het nog over wilt hebben?
Over transities zou ik nog willen zeggen dat veel mensen daar vaak te makkelijk over denken. Ze weten soms niet dat je eerst aan de hormonen gaat (voor de rest van je leven overigens) en dan nog aan operaties moet beginnen. In mijn geval was dat redelijk dramatisch, ik heb 21 operaties gehad. Maar het hele sociale en maatschappelijke aspect daarna is misschien nog wel ingewikkelder dan de transitie zelf. Je zit dan zo in een mallemolen en dat gaat maar door en door, maar daarna? Wat ga je dan doen? Wat gebeurt er dan? Zeker als je in dezelfde omgeving blijft wonen met dezelfde vrienden en dezelfde mensen om je heen, is dat lastig. Ik denk dat daar zowel door de maatschappij als door het VUmc te weinig aandacht aan wordt besteed.

Zou je willen dat daar vanuit die organisaties of vanuit de overheid meer awareness over is?
Jazeker. Vanuit het VUmc zelf is daar verder ook geen begeleiding bij. Je kunt zelf gesprekken aanvragen met een psycholoog, maar er is geen begeleiding door het hele operatieproces heen.

Oh dat had ik niet verwacht. Ik had altijd een beeld voor me dat het een hele gecontroleerde situatie was, maar eigenlijk is dat dus niet helemaal zo?
Nee klopt, je wordt alleen onderzocht op lichamelijke aspecten, maar niet op de geestelijke. Er zijn geen periodieke afspraken met een psycholoog die dingen aan je vraagt als: Hoe gaat het nu met je? Hoe gaat het op je werk? Hoe gaat het met je familie? Hoe gaat het met je vrienden? Kun je je draai vinden? Helemaal niets, heel gek. Maar om het wel nog even positief af te sluiten: ik ben een rijker mens geworden. Ik weet van twee werelden en voel me eigenlijk een soort spion. Ik was voor mijn transitie sportinstructrice op een sportschool en na de transitie nog steeds, maar toen mocht ik natuurlijk de mannenkleedkamer in. Dat verschil is heel leuk om te zien. Je wilt niet weten waar mannen het allemaal over hebben… Maar ik vind het ook heel mooi wanneer een vrouw ziek of niet lekker is omdat ze ongesteld is, ik weet hoe dat is. Ik weet hoe het voelt. Ik vind het gewoon een rijkdom om te weten van twee werelden. Heel bijzonder.

Hoe ziet jouw ideale genderwereld eruit?
Die bestaat niet. Die zou er gewoon niet moeten zijn. Mannen en vrouwen blijven natuurlijk verschillen. Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus. Bovendien heb je te maken met hormonen. Wat hormonen doen zie je ook overduidelijk terug in een transitie. Biologisch gezien zijn mannen en vrouwen verschillend, dat is gewoon zo. Dat maakt een man ook mooi en een vrouw ook mooi. Maar ik denk niet dat het zo zwart-wit is en je er zo de nadruk op hoeft te leggen. De ideale genderwereld is voor mij dus dat die er gewoon niet is. Alles is fluïde, dus alles loopt gewoon in elkaar over. Dat zou voor mij het ideale zijn.

 

tekst/fotografie Jianni Elsenhout, Jacobine d’Engelbronner, Merel van Es, Jolene Adelaar
styling Stijn Berends

Transgender, cisgender, transitie, genderdiversiteit. Benieuwd wat deze en andere woorden betekenen? Klik hier en lees het in de woordenlijst! 
Wil je het magazine ontvangen om zelf te lezen of verder te verspreiden, dat kan door contact met ons op te nemen.