Kaye: ‘Het gaat toch altijd om de papieren’

Kaye: ‘Het gaat toch altijd om de papieren’

Het is niet alleen maar ellende, zegt Kaye (34) nadat ze het verhaal heeft gedaan hoe ze bij haar ouders wegging omdat die haar trans zijn niet accepteerden, in Nederland een gewelddadige partner had en instanties hier geen gehoor gaven. Opsluiting, afhankelijkheid, onmacht, haar hoofd tegen de muur. “Maar mijn oma accepteerde me zoals ik was”, zegt ze, en ook was er “de kapperszaak om de hoek waar de vrouwen mijn familie werden.”

(An English translation is published here.)

“Zeven jaar geleden kwam ik uit de Filipijnen vanwege de liefde. Nederland trok me. Vanuit oogpunt van transrechten en mensenrechten staat het land toch bekend als vooruitstrevend. Dat was in elk geval mijn indruk.”

“Dat beeld veranderde toen ik huiselijk geweld ervoer en bij de politie weinig gehoor vond. In het safe house werd ik geweigerd vanwege mijn documentatie, want in mijn Filipijnse paspoort stond ik nog als man geregistreerd. Het bleek behoorlijk moeilijk om dat aan te passen, het zou uiteindelijk vijf jaar duren.”

“De relatie leek zo mooi op afstand, maar toen ik eenmaal naar Nederland kwam en bij hem introk, veranderde dat. We besloten uit elkaar te gaan en hij meldde me bij de IND. Die trokken mijn verblijfsvergunning in. Ik had de keus: of terug naar de Filipijnen of een nieuwe partner. Die eerste optie bestond voor mij niet, ik had er alles opgegeven.”

Naar het randje

“Mijn nieuwe vriend bleek een psychopathische drugsverslaafde. Hij chanteerde me – ‘als je weggaat, meld ik je’ – en isoleerde me. Hij wilde niet dat ik vrienden had of werk, maar dat ik afhankelijk van hem zou zijn. Terwijl ik in de Filipijnen juist heel zelfstandig was en in de verpleging werkte. Hij wilde macht en controle over mij. Hij sloeg me bijna iedere week en gebruikte ook een taser, zo’n stroomapparaat dat de politie soms inzet. Dan sloot hij me thuis op omdat mijn bebloede gezicht er niet uitzag en hij niet wilde dat buren of vrienden iets zouden merken.”

“Ik heb vier jaar lang huiselijk geweld ervaren. Ja, ik belde de politie. Al na een paar weken. Ik heb totaal vier keer aangifte gedaan. Ze stopten hem dan een nacht in de cel en dat was het. Ik heb op de vlucht voor geweldsuitbarstingen soms onder de brug geslapen, maar ik kon niet weg. Vrienden zeiden: ‘ga niet terug!’. Ik wilde wel naar een safe house, maar vanwege de documentatie lieten ze me niet toe.”

“We kregen begeleiding van het Oranje Huis (de vroegere Blijf-van-mijn-lijfhuizen die vrouwen op de vlucht voor huiselijk geweld een schuilplaats boden en zich nu naast bescherming ook inzetten voor een aanpak van huiselijk geweld). Daar bekende hij dat hij me bijna had doodgeslagen. Hij verklaarde dat hij met drugs zou stoppen en me beter zou behandelen, maar hij wilde vooral dat ik de klacht introk. Ik hoopte dat hij zou veranderen, maar dat gebeurde niet. Zo ging hij drie weken naar Thailand, om af te kicken. In plaats daarvan huurde hij er met zijn vrienden prostituees.”

“Hij dreef me naar het randje. Hij deed het met een prostituee terwijl ik erbij was. En op vakantie in Madrid sloeg hij mijn hoofd tegen de muur. Ik wilde wel ontsnappen, maar niet zonder mijn paspoort. Terug in Amsterdam kreeg ik de indruk toen ik alle verzekeringen zag die hij had afgesloten, dat hij me wilde laten verdwijnen. Ik was mijn leven niet meer zeker. Ik kon gelukkig ontsnappen en ging naar mijn Filipijnse vrienden. Maar de politie zei: er is geen reële moorddreiging, we kunnen niets doen. Dat was in 2016.”

Juiste papieren

“Zo kwam ik weer bij de IND. Ik vertelde wat me was overkomen en liet de aanklachten zien die ik bij de politie had gedaan. Toen excuseerden ze zich, eindelijk, en kreeg ik een verblijfsvergunning op humanitaire gronden.”

“Ik kon werk vinden op Schiphol. Prima, maar toen de werkgever er vanwege de documentatie achter kwam dat ik trans was, wilde die allerlei details weten zoals: ben je al geopereerd? Ze verwezen me naar de toilet voor gehandicapten, die ik bijna twee jaar lang moest gebruiken in plaats van de kleedruimte voor vrouwen. En outten me zo naar collega’s die van niets wisten en zich afvroegen: wat is er met haar? Door de seksuele intimidatie en transfobe pesterijen, bijna elke dag, voelde ik me onveilig, ziek en suïcidaal. Ik heb TNN en het Meldpunt Discriminatie ingeschakeld en die stuurden advocaten naar het bedrijf om te vragen waarom ze me zo behandelden.”

“Uiteindelijk werd mijn contract niet verlengd, waarschijnlijk vanwege mijn aanklacht tegen discriminatie, maar nu heb ik een Nederlands paspoort en ben ik geregistreerd als vrouw. Eindelijk word ik erkend als mezelf en in mijn nieuwe baan gaat het goed. Het is zo fijn als je de juiste papieren hebt. Ik merk nu hoe belangrijk dat is, want je bent heel kwetsbaar anders. Alle slechte ervaringen – bij vinden van een safe house of aankloppen bij de politie – dat komt allemaal door die papieren die niet mijn juiste identiteit toonden.”

Activisme

“Ik zet me al langer in voor de rechten van trans personen. Maar het gaat veel verder. Ook migratie, huiselijk geweld en racisme zijn thema’s. Intersectioneel, want het hangt allemaal met elkaar samen. Ik wil niet dat mensen ervaren wat ik heb meegemaakt.”

“Mijn activisme is niet pas begonnen in Nederland. Mijn familie accepteerde het niet toen ik drie of vier jaar oud me al meisje voelde. Ze wilden me veranderen. Ik trok toen ik zeven was bij mijn oma in die me naar school stuurde en me opvoedde als meisje. Ik hoefde daarom eigenlijk nooit in transitie. Met de hulp van vrienden in de verpleging kon ik later aan hormonen komen, en het ging goed, maar op mijn 16de, toen mijn oma overleed, stond ik er alleen voor. Ik kwam terug bij mijn strenge familie. Ik kon alleen maar de school afmaken omdat mijn tante dat aan mijn oma had beloofd. Maar begrip en acceptatie was er niet.”

“Gelukkig kon ik terecht bij de kapperszaak even verderop. Ik ging daar na school heen om te kletsen en te helpen. Er waren verschillende trans vrouwen en die werden een soort van familie voor mij. Meer dan mijn echte familie. Ik was niet de enige die door de familie was verstoten en onterfd. De Society of Transsexual Women of the Philippines hielp me toen ik aanklopte omdat ik op school in mannelijke uniform en met kortgeknipt haar moest verschijnen. De school paste het beleid aan. Met die zaak begon mijn activisme.”

“Hier ben ik nu betrokken bij Trans-United, een biculturele groep die migranten ondersteunt. Het is erg nodig om hen te helpen met doktersverklaringen, want ze staan vaak op wachtlijsten en moeten vrezen voor afwijzing en uitzetting. Tegen het hele gatekeeping-beleid van de instanties hier. Ik zit nu in de geprivilegieerde situatie dat ik Nederlandse ben. Maar er is nog een strijd te voeren tegen transfobie, racisme, misogynie en tegen de kwetsbaarheid van biculturele trans vrouwen.”

“Ik was altijd bang om misgendered te worden. Het gaat toch altijd om die verdomde papieren. Nu wil ik het verhaal vertellen, een verhaal dat veel organisaties helaas vaak proberen te whitewashen. Mijn motto in dat verhaal: niet alle meisjes en vrouwen zijn bij geboorte erkend als vrouw.”

Tekst en foto: Ton van den Born

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.